In 1921 voelde de toenmalige kapitein-adjudant der infanterie Jhr. C. M. Storm van ‘s Gravesande, lid van het hoofdbestuur van de Vereeniging van Officieren van de Nederlandsche Landmacht (VONL), de behoefte om een steunorganisatie op te richten om collegae die in financiële moeilijkheden waren geraakt te kunnen helpen. De algemene vergadering van de VONL stemde hiermee in. Om alle officieren van de Koninklijke Landmacht te kunnen bereiken wendde de VONL zich tot de Algemeene Roomsch-Katholieke Officieren-Vereeniging (ARKO) en tot de Nationale Christen-Officieren-Vereeniging (NCOV). De NCOV deed mee, maar de ARKO, hoewel sympathiek tegenover het idee, niet omdat zij zelf een soortgelijk plan had.
Een commissie van voorbereiding zag haar werk bekroond in de oprichtingsvergadering van het “Ondersteuningsfonds voor Officieren, Officiersweduwen en -wezen”, kortweg “Steunfonds” genaamd, op 1 november 1924 te Utrecht. Bij Koninklijk Besluit van 28 oktober 1925 nr.19 werden de statuten, ontworpen door kapitein mr. Schuitemaker, goedgekeurd en werd de vereniging erkend.